‘Maak er wat moois van jongen’

‘Maak er maar wat moois van jongen’
Ik word gebeld door de zoon. ‘Ken je me nog?’, vraagt hij. Hij noemt zijn naam. Ik weet nog heel goed wie hij is.
Het is nu ongeveer acht jaar geleden dat ik bij hun was voor de uitvaart van zijn moeder.  Ze was nog jong. Nu blijkt dat ook de vader al een tijdje ernstig ziek is. Dat het niet goed met hem gaat en dat zijn krachten sterk afnemen. Het duurt waarschijnlijk niet lang meer voordat hij gaat overlijden.

Ik word uitgenodigd om zijn uitvaart te bespreken. We zitten opnieuw samen aan de keukentafel waar we destijds ook hebben gezeten om de uitvaart door te spreken van zijn vrouw en hun moeder.
Bij binnenkomst zitten zij al rond de tafel.  Zijn partner zit naast hem en ook zijn zus is aanwezig. 
De lege stoel is voor mij gereserveerd. Ik krijg, ondanks de coronatijd, een hand van deze zieke man. Een gebaar dat ik op dat moment als heel bijzonder heb ervaren. Hij vindt het fijn dat ik er ben.  De anderen groet ik op afstand.
Zijn wensen worden kenbaar gemaakt. Hij wil niet dat de condoleance thuis wordt gehouden om dat dit te veel drukte geeft voor zijn partner. Zij is het daar niet mee eens en wil graag dat hij na het overlijden al die dagen thuis blijft. En op de dag van de crematie het vertrek gezamenlijk vanuit dit huis is. Fijn dat we zo samen de uitvaart doorspreken en dat iedereen kan zeggen hoe hij of zij er over denkt.
Ongemerkt worden de taken verdeeld. Een adressenlijst wordt nog samengesteld en de familie denkt na over een tekst op de rouwkaart en een gedachteniskaartje.

Boom
De schoondochter wil een aantal foto’s maken rond het huis. Er wordt een bewust keuze gemaakt voor de foto van de boom. De man die zelf jarenlang  met hout heeft gewerkt, kiest voor een foto van de ‘dikke boom’ op het erf. De boom die heel wat jaren heeft overleefd in het leven van deze man op dit erf.
Hij vertelt ons dat hij bij zijn huwelijk hout van zijn vader heeft gekregen. Eikenhouten planken. ’Maak er maar wat moois van jongen.’ Deze planken liggen nog in zijn schuur. Nu is het moment dat dit hout gebruikt wordt. Ditmaal voor zijn kist, maar wel met speciale wensen.

Draaiboek
De man overlijdt. We gaan de besproken wensen uit het draaiboek uitvoeren. De condoleance is aan huis.  Het is mooi weer en zijn naasten en de familie staan buiten. Achter een tafel, maar onder de ‘dikke boom’. De tafels zijn versierd met veldbloemen en bloemen uit de tuin. Het ziet er allemaal prachtig uit. En hij zelf? Hij ligt opgebaard, te midden van een bloemenzee en kaarsen op zijn deel.
Het urn monument met de as van zijn vrouw staat in de tuin. Veel  mensen lopen deze avond even naar toe om zo ook haar een groet te brengen.
Bij vertrek aan huis,  op de dag van de crematie, vormen de neven en nichten samen met de buren een erehaag. Ze kunnen niet allemaal mee naar het crematorium in verband met het coronavirus.  Op deze manier willen ze hem en zijn naasten toch laten weten dat ze hem niet zo maar weg willen laten gaan.
Na de crematieplechtigheid komt de familie weer samen in de tuin bij het huis om daar een toost uit te brengen op zijn leven.
De uitvaart is gegaan, volgens het draaiboek zoals ze het samen hebben bedacht en zoals hij dat  wilde. Deze man laat bij velen iets na en zoals hij het zelf omschreef: ‘De grote leegte en stilte geven ruimte om na te denken over het leven.’